XXL Nutrition

Peter Edel gaat onderuit

Anoniem_1984_1

Competitive Bodybuilder
uitgeschakeld
Lid sinds
1 dec 2007
Berichten
2.703
Waardering
0
Peter Edel heeft in zijn recente boek “De Schaduw van de Ster” (EPO, Antwerpen 2002), de strijd aangevat met het zionisme. Tegelijkertijd doet hij bijzonder veel moeite aan te tonen dat hij wel antizionist is maar geen antisemiet. In allerlei scheldkanonnades van joden en niet joden, fanatieke en gematigde zionisten, wordt Peter Edel een antisemiet genoemd. Journalist Yoram Stein is de grote katalysator die met een artikel in het als kwaliteitskrant bekend staande Nederlandse dagblad Trouw de aanval heeft geopend. Yoram Stein, die meestal de gematigde zionist met veel sympathie ook voor Palestijnen acteert, heeft zich opgeworpen als grenspaal voor wat nog wel en niet acceptabel is. Wie verder gaat dan mediafiguur Stein plaatst zich, volgens Stein, buiten de democratie. Journalisten Barend en van Dorp in hun praatshow op de commerciële Tv zender RTL4 lazen stukken voor uit het artikel van Yoram Stein over Edel zijn boek. Mediafiguur en “rechtsdenkende” allochtoon van dienst Theodor Holman schold Edel uit voor “edelgermaan”, waarbij door de zogenaamde heilige huisjes doorbreker Holman gesuggereerd wordt dat Edel filosofisch of ideologisch iets van doen zou hebben met het Nationaalsocialisme of de Germaanse SS in de Nederlanden. Holman strooit maar wat rond met kwalificaties. Hoe zou hij het vinden als iemand hem “Theodor Blauwman” zou noemen? En zou hij, met zijn grote mond, een proces beginnen over zo een anti Indonesisch scheldwoord?

Opvallend is dat Peter Edel natuurlijk helemaal niets met fascisme, racisme of Nationaalsocialisme van doen heeft. Hij publiceert in het extreemlinkse tijdschrift “Kleintje Muurkrant”, dat min of meer in het krakersmilieu is te situeren. Internetbezitters kunnen het vinden op Kleintje Muurkrant . Edel is in elk geval een uitgesproken antifascist en antiracist met marxistische trekjes. Edel gaat tot het uiterste om aan te tonen dat hij wel antizionist is en geen antisemiet. Hij doet dat vooral door te wijzen op de activiteiten van de twee antizionistische richtingen in het jodendom. Allereerst de extreemrechtse antizionisten die vanuit een ultraorthodoxe theologische positie de zionistische kolonisatiebeweging die sinds 1878 actief is alsook de stichting van de zionistische staat Israël in 1948 afwijzen. Vooral de Satmar-richting in het chassidische ultraorthodoxe jodendom is hiervan de exponent. Zulke ultraorthodoxe joden betogen tegen het zionisme bij internationale antiracisme conferenties. De tweede groep joden die Edel aanhaalt als antizionisten zijn de secularistische en humanistische joden zoals Israël Shahak, Israel Shamir en Noam Chomsky, die overigens allen erg beïnvloed zijn door de Belgische trotskist Abram Leon met zijn boek (althans in Engelse uitgave) “The Jewish Question”, waarin de joden als een tot endogamie neigende handelskaste/klasse worden getypeerd.

De antizionistische ultraorthodoxe joden volkomen antizionistisch noemen is een vergissing van Edel. De Satmar c.s. zijn wel tegen de huidige zionistische politiek, maar alleen omdat die op het verkeerde moment wordt uitgevoerd. Inhoudelijk zijn de antizionistische Haredim voor alles wat de zionisten doen. Evenwel, dat moet pas gebeuren als de grote leider van de eindtijd als een soort joodse versie van Harry Potter met zijn toverstaf alle vervloekte goyim wegtovert. Om deze blijde komst te versnellen moeten de joden in deze theologische exegese zich verre houden van zionistische projecten en in de diaspora vroom de Haredische jood uihangen. De praktische toepassing nu is dus net omgekeerd va wat de zionisten doen, die juist de komst van hun heilskoning willen versnellen door alle magische punten in Palestina te bevolken met hun magische joodse superras en de storende onreinen daar te verwijderen, maar de theologisch ideologische basis, met de definiëring van de goyim als Untermenschen is identiek. Alleen de methode verschilt op basis van een verschillende lezing van de joodse heilsgeschriften.

De school van Abram Leon, openlijk of onbewust marxisant, wil juist van de bovenstaande occulte heilsleer die het jodendom is, helemaal niets meer weten. Deze school en zijn aanhangers zijn joden indien men een genetische definitie van dit begrip hanteert, maar de ideologische premissen van het jodendom wijst deze school af. De aanhanger recycleren als joodse antizionisten volgens de definitie van Peter Edel is zeer ambivalent. Spinoza wordt op deze ook vaak opgevoerd als bijzonder leuk voorbeeld van positieve of toch interessante joodse invloed op de Europese en Nederlandse beschaving, maar Spinoza is juist vanwege zijn anti-joodse filosofie terecht uit de synagoge gebannen. In de zeventiende-eeuwse Republiek der Verenigde Nederlanden betekende dat slechts dat Spinoza objectief dood werd verklaard door het Sefardische Rabbinat en dus ergens anders vrienden, familie en zakenpartners moest gaan zoeken. In de rest van de contemporaine Christenheid en in de Islam betekende deze excommunicatie ook de fysieke doodstraf voor de ketterse jood, uitgevoerd door de niet-joodse autoriteiten op basis van een bevelschrift dat het Rabbinaat hen deed toekomen. Spinoza werd losgeslagen van Am Israël, het Volk Israël, en Spinoza met zijn filosofische traditie, alsmede zijn geestelijke nakomelingen, worden als vervloekte ketters verwezen naar de kookpotten van de hel.

Peter Edel is zich van deze feiten wel min of meer bewust, maar door krampachtig vast te houden aan zijn stelling dat hij antizionistisch is en geen antisemiet, en door vol te houden dat er humanistische mogelijkheden in het jodendom zijn, trekt hij niet de logische conclusie uit hetgeen hij al weet. De Satmar c.s. zijn geen echte antizionisten, maar vinden de timing gewoon verkeerd. De extreemlinkse antizionistische lijn van Shahak c.s. is niet alleen antizionistisch, maar wel degelijk ook zeer anti-joods, dat wil zeggen antisemitisch. In deze school is Israël Shamir zelfs zo ver gegaan verschillende goyse nationalismen goed te keuren (Oekraïense, Palestijns), in het bijzonder als zij in conflict staan met joden. Voor Abram Leon c.s. zijn de joden een premoderne onderdrukkerkaste die terecht door de onderdrukte boerenmassa wordt gehaat. Deze extreemlinkse antizionisten zijn wel degelijk ook anti-joods c.q. antisemitisch. Voor de school van Abram Leon c.s. is de joodse godsdienst en is de joodse cultuur ontstaan als ideologische legitimering van de parasitaire activiteiten van de joodse premoderne uitbuiterkaste. Wezenlijk verschil tussen Abram Leon c.s. en Adolf Hitler is dan alleen het biologische determinisme bij Hitler, terwijl Leon een economische determinist is.

De joodse heilsgeschriften, Tenakh, Talmud en Kaballah, leren allen duidelijk genocidale haat tegen alle goyim. Het moderne zionisme dat sinds 1878 de Palestijnen verjaagt van de Palestijnse haardsteden is een logische consequentie daarvan. Er is een correlatie tussen de joodse godsdienst en de hedendaagse misdrijven van het zionisme. Er is een correlatie tussen mensenhandel bedreven door joden van de oudste tijden af tot heden en het onderwijs van de kinderjaren af in de *bermensch-religie die het jodendom is. Er zijn sommigen geboren joden die dit erkennen, maar hen opvoeren in het getoog van Edel dat hij wel antizionist is maar geen antisemiet kan dus niet. De extreemlinkse school is volgens alle normale interpretaties en definities wel degelijk antisemitisch. De logica gebiedt Peter Edel om ook de cocequenties te trekken die Israël Shahak, Noam Chomsky en Israel Shamir hebben getrokken, namelijk niet alleen maar een antizionistisch standpunt in te nemen, maar ook de joodse onderbouw van het zionisme af te wijzen.

Jacob van Lennep.
 
Peter Edel sjoemelt met feiten en bronnen
Gie van den Berghe

Karel Glastra van Loon heeft het boek van Peter Edel weinig kritisch gelezen. Edel komt niet met pijnlijke feiten, maar met manipulaties en verdraaiingen. Hij mist elk historisch besef. Spijtig, want het ultra-zionisme vraagt wel om een weerwoord.

In zijn reactie geeft Karel Glastra van Loon aan waar de diepere gronden liggen van zijn positieve oordeel over Peter Edels boek 'De Schaduw van de ster' (Podium, 3 november). Hij, en met hem veel Nederlanders, zijn 'opgegroeid met een beeld van Israël als een eiland van verlichting, in een zee van islamitische duisternis'. De niet aflatende spiraal van geweld in het Midden-Oosten, de vele ongelukkige maatregelen van sommige Israëlische regeringen hebben voor een ander klimaat gezorgd. Kritiek mag en moet. Maar sommigen slaan dan door, zoals Peter Edel.

Kritiek op Israël en zijn Midden-Oosten-beleid werd decennialang afgedaan als antisemitisch geïnspireerd. In Joodse kringen wordt ook vandaag nog antizionisme al te vaak gelijkgeschakeld met antisemitisme. Maar inmiddels hebben velen, zoals Glastra van Loon, het gevoel van oogkleppen bevrijd te zijn. Opgegroeid in een Israël-verheerlijkend klimaat, geloven ze hun ogen niet als ze merken dat joden mensen zijn als alle anderen, dat Israël een (machts)staat is als alle anderen en aan Realpolitik doet. Wat ze nu menen te ontdekken moet wel waar zijn. Hun verontwaardiging kent geen grenzen meer. Onkritisch slikken ze alle kritiek. In naam van een nieuwe politieke correctheid.

Velen onder ons delen Peter Edels verontwaardiging over het Midden-Oosten-beleid van Israël, de onderdrukking van Palestijnen, de oorlogszuchtige escalatie. Maar verontwaardiging en afkeuring zijn slechte raadgevers voor wie de oorzaken objectief wil analyseren. Edel is allesbehalve objectief en wil dat ook niet zijn, hij komt ervoor uit dat hij voornamelijk antizionistische bronnen gebruikt. Welk beeld krijg je van de democratie als je alleen afgaat op antidemocratische geschriften?

Edel baseert zich bijna exclusief op secundaire en tertiaire bronnen, gaat zelden of nooit na wat er in de oorspronkelijke bron staat. Hij beheerst zijn bronnen niet en gebruikt ze selectief. Edel verwijst en vertaalt fout, manipuleert en verdraait -bewust of onbewust (lees: ideologisch verblind).

Edel doet er alles aan om het zionisme en Israël in een kwaad daglicht te stellen. Hij wijdt zelfs enkele bladzijden aan bijgeloof in Israël en de vele Joden die in ufo's geloven. Ook de Hebreeuwse bijbel moet eraan geloven. Ten overvloede toont hij aan dat veel teksten daarin onjuist zijn, of minstens onbewezen. Ook het andere heilige boek van de joden, de talmoed, komt negatief aan bod. Het gaat, schrijft Edel, hem te ver om dit werk volledig uiteen te zetten. Dat zal wel, de talmoed omvat 63 boeken over een vaak complexe materie. Dat jodenhaters van alle strekkingen en tijden van alles en nog wat in de talmoed hebben geprojecteerd dat er niet in staat, deert Edel niet. Sommige beweringen zijn wel waar, maar het wordt niet duidelijk hoe Edel de ware van de onware onderscheidt.

Zoals veel andere oude religieuze geschriften bevat de talmoed passages waarin 'anderen' als onmensen worden afgeschilderd. Maar anders dan steeds weer beweerd wordt, staat er niet in dat joden het recht of de plicht hebben niet-joden te bedriegen, te bestelen, te verkrachten of te doden. De bijbelse verboden hierop worden door de talmoed erkend en zijn op alle mensen van toepassing.

Edel beweert onder meer dat een 'joodse man straffeloos een niet-joodse vrouw mag verkrachten. Volgens de talmoed is dit een zonde gelijkstaand aan bestialiteit'. Hij verwijst niet naar een specifiek talmoedboek, maar antisemieten en antizionisten die hem voorgingen, verwijzen doorgaans naar een talmoedboek dat... niet bestaat. Talmoedkenners wijzen er overigens op dat seksueelcontact met een niet-joodse vrouw voor joden verboden is.

Het is allemaal zo tendentieus. Neem zijn bewering dat de 'twee strepen naast een Davidsster' op de zionistische (later Israëlische) vlag verwijzen naar het streven van de zionisten naar 'een zo groot mogelijk Israël'. De strepen staan volgens Edel voor 'de Nijl en de Eufraat, de toekomstige grenzen van de Joodse staat'. In een noot achterin voegt Edel hier aan toe dat er 'later een andere betekenis van deze twee strepen is genoemd. Het zou toen gaan om joodse gebedsbanden'. Deze zogenaamd latere betekenis is evenwel de oorspronkelijke, zoals aanvaard op het eerste zionistische congres (1897) waarop de vlag werd geadopteerd. Het witte doek met twee blauwe strepen erop is een uitdrukkelijke verwijzing naar de tallit, de gebedsjaal waar religieuze joden zich in wikkelen, symbolisch aangevend dat ze de geboden van de tora zullen naleven.

Het ontbreekt Edel aan historisch besef, hij doet geen moeite om zich in te leven in wat de eerste zionisten bewogen en bezield moet hebben. In zijn ogen waren het defaitisten die 'anti-Joodse tendensen als logische verschijnselen' beschouwden, gewoon een uitvloeisel van de diaspora. Ze waren ervan overtuigd dat integratie en verzet tegen antisemitisme niets uithaalden, dat alleen een Joodse staat soelaas kon brengen. Dat terwijl, vervolgt Edel, juist toen, ten tijde van de affaire Dreyfus, bleek dat joden voor de strijd tegen het antisemitisme op niet-joden konden rekenen.

Is dit domheid van Edel of geschiedvervalsing? De reactie van intellectuelen en vrijdenkers op de antisemitisch geïnspireerde veroordeling en verbanning van Alfred Dreyfus wás inderdaad hoopgevend, maar ze kwam relatief laat, was niet unaniem, werd niet uitsluitend ingegeven door verzet tegen antisemitisme en -nog belangrijker- ze was een vrij geïsoleerd fenomeen in een van religieuze jodenhaat en politiek antisemitisme doordrenkt Frankrijk en West-Europa.

Het boek 'De schaduw van de ster' staat vol fouten en overdrijvingen. De Wannseeconferentie was niet het 'moment waarop de nazi-top besloot tot de geïndustrialiseerde moord op de joden' -de jodenmoord was toen al volop aan de gang. Edel haalt de Joodse opstand in het getto van Warschau (april-mei 1943) en de (hoofdzakelijk) Poolse opstand in Warschau (augustus-september 1944) door elkaar. Wat hij vertelt over de functie van de nazi-kampen en de indoctrinatie van de daders ('joden uit hun lijden verlossen') is onzin. Wat hij over Eichmann en Holocaust-ontkenning schrijft is onvolledig en deels onjuist.

Zo beweert Edel dat meer dan 30 procent van de Israëlische soldaten die in 1948 in de Arabisch-Israëlische oorlog zijn gesneuveld Holocaust-overlevenden waren. En Ben Goerion, de eerste premier van Israël, zou 'op de beenderen van de jongens van de Holocaust een nieuwe weg naar Jeruzalem gebouwd' hebben. Edel verwijst hiervoor naar The Seventh Million van Tom Segev. Daar staat evenwel dat één op de drie Israëliërs die in die oorlog vochten (maar daarom niet sneuvelden) Holocaust-overlevenden waren, en Segev maakt héél duidelijk dat de bewering over Ben Goerion een mythe is.

Alles komt in Edels kraam te pas, hij put uit extreem-rechtse bronnen. Zo verwijst hij naar artikelen uit Le Monde Diplomatique, merkwaardig genoeg in Engelse vertaling. Die vertalingen zijn terug te vinden op de website van het Institute for Historical Review, een beruchte instelling voor Holocaust-ontkenning. Mogelijk is de vertaling accuraat, maar je moet dat natrekken.

Een spijtige zaak, dit boek, en een gemiste kans. Want er is nood aan gedegen politiek en intellectueel weerwerk tegen het ultra-zionisme, tegen de oorlogszuchtige politiek van de huidige Israëlische en Amerikaanse regeringen. Maar daarom de waarheid geweld aandoen, sjoemelen met feiten en bronnen, terugvallen op oude antisemitische argumenten, dat is ronduit onverstandig. Wie dat doet, boet aan geloofwaardigheid en betrouwbaarheid in en ontkracht daardoor de vele reële bezwaren tegen de uitwassen van het Europees kolonialisme in het Midden-Oosten.

CIDI : Nieuws - 04-12-2002

Bron is dan wel het CIDI oftewel het ZOG voor de neo's onder ons.
 
Kennelijk heb je weinig weet over de term ZOG, het CIDI beweert een documentatie bureau te zijn.

Wel leuke bron of niet doet me denken aan het gezegde, wie een kuil graaft voor een ander .......

die wordt door de nazi's neergeknald bij Ponary of Babi Jar.
 
Terug
Naar boven