Fitness Seller

aminozuren, wei, casseine

Supertom

Dutch Bodybuilder
Lid sinds
31 aug 2005
Berichten
509
Waardering
0
beste fomummers.

zit me te verdiepen in eiwitten voor mijn profielwerkstuk voor ath 6, maar nu kom ik een probleempje tegen.

er zijn een 20 tal aminozuren. waarvan er 9 essentieel zijn, en dus via voeding opgenomen worden. dit zijn histidine, isoleucine, leucine, lysine, methionine, phenylalanine, tryptophan, valine en threonine (en arginine bij kinderen).
deze aminozuren neem je dus in via je voeding want ze kunnen niet via je lever gemaakt worden, transaminatie. de andere aminozuren kunnen wel via transaminatie omgezet worden wanneer nodig.

In dierlijke producten zoals vlees melk en eieren zitten alle 20 de aminozuren. dus ook alle essentiele aminozuren. kijk je bvb naar melk, zie je dat de eiwitten die daarin zitten voor 80% bestaan uit wei en voor 20% uit casseine.

Is het dan zo dat 20% van het eiwit uit melk heel langzaam opgenomen wordt, een bekende eigenschap van casseine. en dat 80% van de eiwitten snel opgenomen wordt, een bekende eigenschap van wei. Wat maakt het dan dat het ene eiwit snel opgenomen wordt, en het andere langzaam.
Vanwaar de benaming wei en casseine, waar kan ik dit terug vinden.

verdeel je plantaardige eiwitten, die dus niet alle 20 de aminozuren bevatten, ook onder in wei en casseine.

is wei/casseine dus gewoon een "hokje" waar je alle eiwitten uit dierlijke producten ( +plantaardige producten?) in plaatst om goed onderscheid te maken tussen langzaam en snel opneembare eiwitten.

dat zijn een heleboel vragen, maar vraag het me echt af. hoop dat iemand mij dit kan uitleggen met bronvermelding erbij,

alvast heel erg bedankt!!
 
Supertom zei:
kijk je bvb naar melk, zie je dat de eiwitten die daarin zitten voor 80% bestaan uit wei en voor 20% uit casseine.

Melkeiwit bestaat uit 80% caseine en 20% wei niet andersom ! !


Supertom zei:
Is het dan zo dat 20% van het eiwit uit melk heel langzaam opgenomen wordt, een bekende eigenschap van casseine. en dat 80% van de eiwitten snel opgenomen wordt, een bekende eigenschap van wei.

Nee, de eiwiten zijn een homogeen mengsel. Het is dus niet zo dat de wei in de melk eerder de maag passeert als de caseine. De combinatie van beide sorgt voor een bepaalde passeersnelheid

Supertom zei:
Wat maakt het dan dat het ene eiwit snel opgenomen wordt, en het andere langzaam.


Snelle eiwitten zijn anti-catabool, langzame eiwitten anabool


Supertom zei:
Vanwaar de benaming wei en casseine, waar kan ik dit terug vinden.

betere benaming voor wei is lactalbumine (lacto albuminen oftewel albuminen uit melk)


Supertom zei:
verdeel je plantaardige eiwitten, die dus niet alle 20 de aminozuren bevatten, ook onder in wei en casseine.

Nee

Supertom zei:
is wei/casseine dus gewoon een "hokje" waar je alle eiwitten uit dierlijke producten ( +plantaardige producten?) in plaatst om goed onderscheid te maken tussen langzaam en snel opneembare eiwitten.

Nee



Lees dit eens door (bron: BC)

Dat eiwitten de basis zijn van onze voeding het hele jaar door is een feit. Die vaststelling kunnen we ook alleen maar bevestigen als we zien dat een eiwit-arm dieet een proteolytische afname van het droog gewicht ten koste van spiermassa bewerkstelligt (1). Het nut van hoog eiwitdieten is ook meerdere malen bewezen in verband met het behoud en verbeteren van het vetpercentage (2) ten opzichte van andere nutrienten.

Maar wat is nu de best eiwit-supplementatie voor diegenen van ons die nog niet voldoende eiwitten uit de voeding halen. Vroeger was de biologische waarde een marker en werden we allemaal sterk gepusht om whey proteines te kopen. Ondertussen weten we al dat dit allerminst correct is. Maar wat weten we eigenlijk wel ?

Een studie uit 1997 (3) , bevestigd door een studie uit 2002 (4) maten de verschillen tussen whey en caseine, de twee eiwit fracties in melk eiwit aan de hand van toename aan aminozuren in het bloed, toename in de eiwitsynthese, toename in de oxidatie van eiwitten en de oxidatie van leucine. De resultaten waren opmerkelijk :

1.Whey proteine bewerkstelligde een drastische maar erg korte toename in plasma concentratie aan aminozuren, terwijl de hyperaminoacidemie met caseine ook hoger was, maar aannemelijk lager dan met whey, maar dat deze wel een hele periode aanhield.

2.Eiwitafbraak in het lichaam verminderde met 34% in de caseine groep, maar er werd geen verandering vastgesteld bij whey.

3.Eiwitsynthese name toe met 64% in de whey groep en 31% in de caseine groep.

4.Leucine oxidatie na een periode van 7 uur was groter in de whey groep dan de caseine groep ondanks gelijke hoeveelheid leucine inname. Dit resulteerde in de conclusie dat de netto leucine balans veel hoger lag bij de caseine groep.

De researchers concludeerden dat caseine te preferen was over whey omdat de totale synthese tov van afbraak ratio's hoger waren bij caseine en voor langere perioden aanhielden. Ook omdat er geen slechts een 50% verschil was in de eiwit synthese maar een complete afwezigheid van anti-catabole actie bij whey en een afwezigheid van catabole actie bij caseine. ook dit is erg aannemelijk.

Maar we weten ook dat BCAA's erg belangrijk zijn in het dieet. Een studie (5) wees zelfs op het belang van BCAA's in het behouden en bouwen van droge massa, maar ook op het positieve effect dat ze hebben op spierbehoud en vetpercentage bij een dieet. Whey proteine bestaat voor 25% uit BCAA's en blijft dus een erg positieve keuze.

Om samen te vatten is na een training zeker een snelle toename aan beschikbare eiwitten nodig om proteolyse tegen te gaan, waarbij de voorkeur gaat naar BCAA's en lysine. Daarnaast is herstel een gedurig proces dat vooral berust op een anabole / anti-catabole omgeving en continu toevoer van aminozuren. Dus lijkt de beste oplossing een combinatie van whey met caseine. Dit raad ik dan ook al bijna 5 jaar aan aan athleten, en pas de laatste twee jaar krijgt dit gegeven enigzins gehoor en respect uit de bodybuildinggemeenschap als een geheel. We geven hierbij de voorkeur aan iets meer caseine dan whey, zoals 20g whey met 30g caseine in 500 tot 1000 ml halfvolle melk, 1 tot twee maal per dag.

(1)Waterlow JC.
The nature and significance of nutritional adaptation.
Eur J Clin Nutr. 1999 Apr;53 Suppl 1: S2-5. Review.

(2) Skov, AR, et al. "Randomized Trial on Protein vs Carbohydrates in Ad Libitum Fat Reduced Diet for the Treatment of Obesity", International Journal of Obesity (1999) 23, 528-536

(3) Boirie Y, Dangin M, Gachon P, Vasson MP, Maubois JL, Beaufrere B.
Slow and fast dietary proteins differently modulate postprandial protein accretion.
Proc Natl Acad Sci U S A. 1997 Dec 23;94(26):14930-5.

(4) Dangin M, Boirie Y, Guillet C, Beaufrere B.
Influence of the protein digestion rate on protein turnover in young and elderly subjects.
J Nutr. 2002 Oct;132(10):3228S-33S. Review.

(5) Mourier A, Bigard AX, de Kerviler E, Roger B, Legrand H, Guezennec CY.
Combined effects of caloric restriction and branched-chain amino acid supplementation on body composition and exercise performance in elite wrestlers.
Int J Sports Med. 1997 Jan;18(1):47-55.
 
  • Topic Starter Topic Starter
  • #3
eiwiten zijn een homogeen mengsel. Het is dus niet zo dat de wei in de melk eerder de maag passeert als de caseine. De combinatie van beide sorgt voor een bepaalde passeersnelheid

zou je dit iets duidelijker uit kunnen leggen, want hoe dit werkt snap ik nu nog niet. dit is eigenlijk mijn hoofdvraag.

Wel interessant stukje! hoe kom jij altijd aan al die informatie??! kwestie van 28 jaar trainen en je ervoor interesseren neem ik aan:) :thumbs:

(casseine en wei bestaan toch gewoon uit aminozuren? is er dan een verdeling van aminozuren te maken welke bij casseine horen en welke bij wei, of is dit geheel afhankelijk van de structuur?)
 
Supertom zei:
zou je dit iets duidelijker uit kunnen leggen, want hoe dit werkt snap ik nu nog niet. dit is eigenlijk mijn hoofdvraag.


De fractie zijn dusdanig gemengd dat ze niet afzonderlijk verteren



Supertom zei:
(casseine en wei bestaan toch gewoon uit aminozuren? is er dan een verdeling van aminozuren te maken welke bij casseine horen en welke bij wei, of is dit geheel afhankelijk van de structuur?)


Ja beiden bevatten dezelfde aminozuren, alhoewel de samenstelling verschilt.

Het "lanzame" effect van caseine zin er in dat caseine in de maag onder invloed van chymosine en zuurgraad (caseine is een fosfoglycoproteine) begint te vlokken. Dat wil dus zeggen dat het in de maag een "klont" vormt, waardoor het de maag langzamer en gedoserderd passeert.



Maar je moet niet alleen naar de snelheid van een eiwit kijken. Eigenlijk is alleen rondom je training snelheid een belangrijke factor, op alle andere momenten is BW en fractie opbouw belangrijker
 
Ik had in science en fitness ook gelezen dat melkeiwit 80% wei is en 20% casseïne. Heb wel nooit de moeite gedaan om daar een volwaardige studie over te lezen...
 
Je zou ook iets kunnen opnemen van limiterende aminozuren.Bijv. de combinatie van melk met graanproducten. Graanproducten bevatten veel lysine, in melk zit daar niet zoveel van in. In melk bevind zich weer een aminozuur dat niet veel in graanproducten zit. Ze vullen elkaar dus aan.
 
@ M@rcel : Biologische waarde


@Suicide Sid: ff wat sleur&pleur

c. Caseïne

Caseïne is veruit het belangrijkste melkeiwit. Het vertegenwoordigt ongeveer 80% van het totale eiwitgehalte in melk.
Caseïne is belangrijk voor de voeding van het jong. Het is gemakkelijk afbreekbaar en vormt een bron van essentiële aminozuren voor de synthese van andere eiwitten.
De pH van melk is vrij neutraal (ongeveer 6,8). Bij deze pH zijn alle melkeiwitten, ook caseïne, opgelost.

Het iso-elektrisch punt van caseïne bedraagt 4,6. Wanneer we melk aanzuren (b.v. door toevoegen van HCl) zal op een zeker ogenblik het iso-elektrisch punt van caseïne worden bereikt waarbij dit eiwit neerslaat. Dit verklaart het kabbelen van de melk. Ook wanneer melk op natuurlijke wijze aanzuurt, als gevolg van de groei van bacteriën die het in de melk aanwezige lactose omzetten in melkzuur, zal de melk om dezelfde reden beginnen te kabbelen.

Caseïne komt in de melk voor als micellen, submicroscopische deeltjes samengesteld uit een verzameling grote moleculen. Deze micellen bestaan uit submicellen, die zelf gevormd zijn door een aaneensluiting van verschillende caseïne-eiwitketens. Men onderscheidt alfa-, bèta- en kappa-caseïnes, ieder met een verschillende aminozuursamenstelling. De alfa- en bèta-caseïnes bevatten fosfaatgroepen, die via condensatiereacties aan de eiwitketens gebonden zijn. Ze bevinden zich hoofdzakelijk in het interne deel van de micel. De kappa-caseïne-moleculen daarentegen zijn vooral aan de buitenkant van de micel gelegen. Ze bestaan uit een hydrofoob (waterafstotend) deel dat in de micel steekt en een hydrofiel (wateraantrekkend) deel dat naar buiten toe gericht is. Door dit hydrofiel deel, dat polaire haarvormige uitsteeksels bevat, stoten de micellen elkaar af en blijven ze in oplossing. De submicellen worden aan elkaar gehouden door calciumionen die bruggen vormen tussen de fosfaatgroepen aan het oppervlak van de submicellen. Een schematische voorstelling van de opbouw van een caseïnemicel is gegeven in Fig. 3.

[Afbeelding niet meer beschikbaar]

Fig. 3. Schematische voorstelling van een caseïnemicel en –submicel. De doormeter van een micel varieert en bedraagt gemiddeld ongeveer 100 nanometer = 100.10-9 m.


[Link niet meer beschikbaar]
 
  • Topic Starter Topic Starter
  • #8
De pH van melk is vrij neutraal (ongeveer 6,8). Bij deze pH zijn alle melkeiwitten, ook caseïne, opgelost.

Het iso-elektrisch punt van caseïne bedraagt 4,6. Wanneer we melk aanzuren (b.v. door toevoegen van HCl) zal op een zeker ogenblik het iso-elektrisch punt van caseïne worden bereikt waarbij dit eiwit neerslaat. Dit verklaart het kabbelen van de melk. Ook wanneer melk op natuurlijke wijze aanzuurt, als gevolg van de groei van bacteriën die het in de melk aanwezige lactose omzetten in melkzuur, zal de melk om dezelfde reden beginnen te kabbelen.

dit was wat ik zocht, dan je!:D
 
Terug
Naar boven