Een op acht verlaat voortijdig het voortgezet onderwijs
Een op de acht leerlingen die in 2004 het voortgezet onderwijs verliet, deed dat zonder startkwalificatie en leerde ook niet door. Een startkwalificatie is een diploma op het niveau van havo, vwo, mbo-2 of hoger. Voortijdig schoolverlaten komt vaker voor bij leerlingen uit gebroken gezinnen, uit gezinnen met een lager inkomen, uit de grote stad en van niet-westerse herkomst. De voortijdig schoolverlaters hadden toen ze nog op school zaten minder vaak een bijbaan en zijn vaker verdacht geweest van crimineel gedrag. Daarnaast spelen factoren een rol zoals intelligentie, minder goed presteren, motivatie en schoolbeleving.
Zonder startkwalificatie minder succesvol op arbeidsmarkt
In 2005 zat 22 procent van de jongeren in de leeftijd van 15-22 jaar niet meer op school. Daarvan had bijna de helft geen startkwalificatie. Op de arbeidsmarkt zijn de jongeren zonder startkwalificatie minder succesvol. Ze hebben veel minder vaak een baan en zijn veel vaker werkloos dan hun leeftijdgenoten met een startkwalificatie. In 2005 was bijvoorbeeld liefst 20 procent van de jongeren zonder startkwalificatie werkloos. Onder jongeren met een startkwalificatie was dat 11 procent.
Studierendement allochtonen lager
In de afgelopen jaren is het aantal allochtonen in het hoger onderwijs sterk toegenomen. Hun studierendement is echter wel veel lager dan dat van de autochtonen. Dit geldt met name voor niet-westerse allochtonen. Van de autochtone hbo’ers is na vijf jaar ongeveer 60 procent geslaagd. Van de niet-westers allochtone studenten is dat bijna 40 procent. Ook na negen jaar is van de niet-westerse allochtonen een veel kleiner deel geslaagd dan van de autochtonen.
In het wetenschappelijk onderwijs is van de autochtone studenten na zes jaar ongeveer de helft geslaagd, van de niet-westers allochtone studenten was dat een derde. Ook na negen jaar is van de niet-westerse allochtonen een kleiner deel geslaagd dan van de autochtonen.