Volg de onderstaande video samen om te zien hoe u onze site kunt installeren als een web-app op uw startscherm.
Notitie: Deze functie is mogelijk niet beschikbaar in sommige browsers.
Peter Vandermeersch stopt op 1 september als hoofdredacteur van het Nederlandse dagblad NRC. De Belg, ex-hoofdredacteur van De Standaard en Het Nieuwsblad, wordt correspondent voor de krant in Frankrijk. Ook adjunct Marcella Breedeveld treedt terug uit de hoofdredactie, zo meldt NRC woensdag. Vandermeersch is sinds 15 augustus 2010 hoofdredacteur.
Vandermeersch legt zijn functie neer omdat het tijd is “het stokje over te dragen aan een nieuwe hoofdredacteur”, zei hij tijdens een toespraak op de NRC-redactie. Bij zijn aantreden negen jaar geleden nam Vandermeersch zelf de taken over van Birgit Donker, die vanaf 2006 hoofdredacteur was.
Wie Vandermeersch gaat opvolgen, is nog niet bekend. Volgens de scheidend hoofdredacteur kan NRC de komende maanden “in alle rust op zoek gaan” naar een vervanger. Kandidaten voor de positie worden beoordeeld door een sollicitatiecommissie die wordt gevormd door leden van de redactieraad.
Voor zijn aanstelling bij NRC was Vandermeersch hoofdredacteur van De Standaard (van 1999 tot 2006).
Tijdens Vandermeersch’ hoofdredacteurschap maakte NRC de nodige veranderingen door. De krant verhuisde van Rotterdam naar Amsterdam, veranderde van eigenaar en stapte over van broadsheet- naar tabloidformaat. Daarnaast werden de voorheen gescheiden redacties van nrc.next en NRC Handelsblad samengevoegd tot één redactie.
Peter Vandermeersch stopt op 1 september 2019 als hoofdredacteur van NRC. De ex-hoofdredacteur van De Standaard wordt correspondent in Frankrijk. Het is de zoveelste wending in de kleurrijke journalistieke loopbaan met internationale allures. Hij werd hoofdredacteur van twee kwaliteitskranten, eerst van De Standaard in Vlaanderen en vanaf 2010 was hij hoofdredacteur van de Nederlandse krant NRC Handelsblad. Hij was intussen zoveel van zijn nieuwe vaderland gaan houden dat hij zei dat hij nog het liefst tot Nederlander wilde genaturaliseerd worden. Maar nu kiest hij dus voor Frankrijk. Een land waar hij in het begin van zijn carrière al eens gestationeerd was als correspondent.
De West-Vlaming Vandermeersch (geboren in 1961 in Torhout, opgegroeid in Brugge en Veurne) studeerde geschiedenis, journalistiek en politieke wetenschappen en begon bij De Standaard in 1988 op de cultuurredactie. Hij werd al snel correspondent in Parijs en New York en schopte het in 1999 tot hoofdredacteur, eerst van De Standaard, later als algemeen hoofdredacteur van De Standaard en Het Nieuwsblad.
Als kersverse hoofdredacteur schrapte hij resoluut het iconische opschrift AVV/VVK (Alles voor Vlaanderen, Vlaanderen voor Kristus) op de voorpagina van De Standaard, wat hem op veel kritiek van de conservatieve achterban te staan kwam. Hij koos ook voor het tabloidformaat. In 2007 werd hij door de lezers van het weekblad Trends verkozen tot “Marketeer van het jaar”, voor het eerst kreeg een journalist die onderscheiding.
Op 1 september 2010 werd Vandermeersch - dan 49 jaar - hoofdredacteur van de Nederlandse kwaliteitskrant NRC Handelsblad, die hij korte tijd later liet verhuizen van Rotterdam (NRC stond voor Noord-Rotterdamse Courant) naar Amsterdam. “We krijgen een zwaargewicht aan het roer, die heeft bewezen dat kwaliteitsjournalistiek niet alleen bestaansrecht heeft, maar ook toekomst”, zei voorzitter Wubby Luyendijk van de redactieraad van NRC Handelsblad bij zijn aanstelling in 2010.
Onder leiding van Vandermeersch was de oplage van De Standaard gestegen van 75.000 exemplaren in 1999 naar ruim 93.000 exemplaren in 2009. De Nederlanders verwachtten dat de Vlaming dat trucje bij hen zou overdoen. En dat lukte voor een deel. Uit de oplagecijfers van 2012 bleek dat NRC Handelsblad (+0,2 pct) én next (+0,1 pct) opnieuw lichtjes aan het stijgen waren in een dalende markt (-3,1 pct). Wel bleek dat de papieren oplage van de kranten daalde en de digitale abonnementen groeide.
Een van de eerste innovaties die Vandermeersch bij de NRC invoerde was de aanstelling van een ombudsman die de de journalistieke deontologie in eigen huis streng moest bewaken. Vandermeersch zei daarover in zijn eigen krant op 29 oktober 2017: “De benoeming van een onafhankelijke ombudsman was, ruim zeven jaar geleden, mijn eerste daad als hoofdredacteur. NRC schrijft namelijk kritisch over alles en iedereen, en moet dus ook kritisch zijn ten opzichte van zichzelf.”
Andere opmerkelijke koerswending was de afschaffing in 2017 van de internetredactie van de NRC, die al 20 jaar bestond. “Destijds was NRC een van de eerste kranten om te experimenteren met een website waarop enkele van de stukken van de krant gratis werden aangeboden”, zei Vandermeersch daarover in zijn blog van hoofdredacteur op de website van de NRC.
“In oktober 2015 besloten we al onze journalistiek (eerst) online te brengen en introduceerden wij een betaalmuur. Het werd ook in de hoofden van de redacteuren een belangrijke omslag: in principe werken we eerst voor de site, en komen onze stukken nadien in een van onze kranten. Ten gevolge daarvan hebben we geen onlineredactie meer nodig, NRC is in korte tijd een internetredactie geworden. De redactie werkt ‘digital first’, dat wil zeggen: in eerste instantie voor digitaal. We weten: papier blijft nog lang, zeker op zaterdag. Maar onze toekomst ligt online. De kern van onze boodschap blijft: het gaat om goede journalistiek. De drager, of die nu papier is of digitaal, doet er minder toe.”
Met de jaren was Vandermeersch dé expert bij uitstek om het in talkshows op tv (hij was de favoriete Belgische gast (troetelbelg) in de populaire talkshow “De Wereld Draait Door”) of in interviews met kranten te hebben over het verschil tussen Belgen en Nederlanders. Dat liet zich uiteindelijk het best in één zin samenvatten: “België is erotiek en Nederland is harde porno.”
Vandermeersch lichtte deze boutade toe in het Algemeen Dagblad (september 2017): “In Nederland moet alles scherp. Als mensen met elkaar discussiëren dan is het of zo óf zo. Neem het zwartepietendebat. Daar is weinig ruimte voor - sorry - vijftig tinten grijs. Terwijl Vlamingen een debat kunnen beëindigen met de vaststelling dat beide partijen een beetje gelijk hebben.”
In zijn boek “Ik zou zo graag van jullie houden. Een Vlaming op zoek naar Nederland” (2017) verklapte Vandermeersch dat hij zich zou laten naturaliseren. “Jullie Nederlanders staan wel eens als arrogant te boek, maar die verbaasde reacties op mijn besluit duiden juist op zelfonderschatting. Ik heb een tijd in Amerika gewoond (toen Vandermeersch er correspondent was voor De Standaard, nvdr), en Amerikanen zouden applaudisseren als iemand Amerikaan wil worden.”
“U kiest bewust voor het Nederlanderschap”, merkte een Nederlandse interviewer daarop op, “maar ik kreeg op tv altijd de indruk dat u van de rol van ‘verbaasde Belg in Nederland’ genoot.”
“Ik zal weldra officieel Nederlander zijn, maar België zit natuurlijk in mijn hart, dus ik zie mezelf eerder als een ‘duale persoonlijkheid’. En dat vind ik mooi. Een beetje tussen beide landen in staan”, antwoordde Vandermeersch. “Men vraagt mij hier bijvoorbeeld om de Belgische politiek te duiden, en in België mag ik uitleggen waarom de Nederlandse formatie zo lang heeft geduurd.”

Het diversiteitsdocument komt uit de koker van een speciale Taskforce Diversiteit. Die sprak de afgelopen maanden met studenten en medewerkers over diversiteit en inclusie. Diversiteit is op de ’witte universiteit Utrecht’ hard nodig, staat er in het stuk.
Nederlanders zouden vaak niet openstaan voor andere culturen. En studentenverenigingen zijn te wit. Een gebedsruimte met een gescheiden ingang voor mannen en vrouwen zou kunnen bijdragen aan meer diversiteit. Net als het aanbod van halal eten en jaarkalenders met feestdagen van andere godsdiensten. Zo opperden studenten tegen de onderzoekers.

Dus als dit mensen (dus ook vrouwen en kinderen) waren deed dit je niks..?Ik heb echt moeite met het kijken van deze filmpjes... waren het nou mensen deed het me niks
Dus als dit mensen (dus ook vrouwen en kinderen) waren deed dit je niks..?
Dat voelt natuurlijk niemand, want niemand kan zich inbeelden dat zoiets kleins net zoveel pijn kan ervaren als iets van onze eigen formaat.. Waarom denk je dat we moeiteloos alles wat zoemt en kruipt dood kunnen slaan voor 99,9%? Hoe groter het formaat des te meer sympathie we lijken te hebben.
..........in search of sympathy 
“Ik twijfel er niet aan dat Mehdi Nemmouche, die hier aanwezig is, mijn cipier en folteraar was in Syrië, onder de naam Abou Omar.” Dat heeft de Franse journalist Nicolas Henin vandaag gezegd in het Brusselse hof van assisen. Henin werd samen met drie andere journalisten gevangengehouden door wat later terreurgroep IS werd, en de vier beweren dat Mehdi Nemmouche een van hun bewakers was. Volgens de journalist was Nemmouche sadistisch en opvallend spraakzamer dan nu. Zo zou ‘Abou Omar’ verteld hebben over hoe hij vrouwen verkrachtte en hoe leuk het is om baby’s te doden.
De journalisten werden ontvoerd in juni 2013 en weer vrijgelaten in april 2014. Na de aanslag van 24 mei 2014 en de arrestatie van Mehdi Nemmouche als de mogelijk dader contacteerde Henin de Franse inlichtingendiensten DGSI met de vraag of het mogelijk was of hij die Nemmouche in Syrië ontmoet had, mogelijk onder de naam Abou Omar. Een dag later worden de journalisten in Parijs geconfronteerd met foto’s en ook de opeisingsvideo die na de aanslag werd verspreid.
Zowel Henin als journalist Didier François verklaarden vandaag dat het moeilijk is om iemand op basis van een foto te identificeren. “De stem, de manier van spreken en de houding van een persoon zeggen veel meer”, aldus François. “Maar toen we de video zagen, herkende ik hem formeel.” Voorzitter Laurence Massart wees erop dat experts hebben verklaard dat de stem in de video vervormd werd. Toch houden beide mannen vol dat het wel degelijk om Nemmouche ging. “Vanwege zijn manier van spreken, de woorden die hij gebruikte”, aldus François. Hij wees er ook op dat Nemmouche in de rechtbank wel zwijgt, maar dat Abou Omar in Syrië veel met hen sprak.
Henin en Didier François gingen uitgebreid in op de haatdragende kant van Omar. “Hij haatte joden en sjiieten. Hij vertelde over hoe hij een joods kindje van vier jaar wilde doden, en wat hij deed tijdens een razzia op een sjiitisch dorp”, aldus Henin. Zo zou Omar verteld hebben over hoe hij vrouwen verkracht en hoe leuk het is om baby’s te doden.
“Hij haalde ook regelmatig ‘grappen’ uit met ons”, aldus Henin. “Zo was er het moment dat ik de cel deelde met een Deense gijzelaar. Toen kwam hij midden in de nacht samen met kompanen onze cel binnen en riep hij: ‘Allebei tegen de muur!’ Dan sleurden ze de Deen de gang in, waar ik gestommel en een gedempte stem hoorde. Even later kwamen ze mijn cel binnen en lieten ze me de Deen zien die op de grond lag. Ze zeiden dat ze hem hadden neergestoken en dat ze mijn hoofd zouden afhakken. Bleek dat ze de Deen met chloroform bedwelmd hadden om me in de waan te laten dat hij dood was. Dat zijn pure folterpraktijken. Ook mij bedwelmden ze vervolgens met chloroform om daarna lachend naar buiten te stappen.”
“Een andere keer kwamen ze met een sabel binnen, die ze ongetwijfeld buit gemaakt hadden bij de plundering van een winkel in de stad. Ze riepen: ‘Op de knieën!’ Daarna zeiden ze dat ze onze hoofden zouden afhakken en bleven ze gedurende minuten roepen om vervolgens opnieuw lachend weg te wandelen.” Henin herinnert zich ook dat Nemmouche op 11 september de cel binnenkwam en zei: “Jongens, vandaag is het 11 september. Dat is een feestdag, dus geen eten voor jullie.”
Bij het vertellen van zijn verhaal blijft Henin opvallend rustig en gestructureerd, maar bij het verhaal over de handschoenen krijgt hij het moeilijk: “Ik was net verhoord in de folterkamer door Abou Achmed. Die stelde me de vraag of ik voor de inlichtingendiensten werkte. Telkens als ik negatief antwoordde, kreeg ik klappen van Abou Omar. Toen ik even later, met mijn kleren vol bloed, even op adem probeerde te komen, kwam Omar binnen met handschoenen. Het waren versterkte handschoenen, zoals van motards. Het was erover aan het opscheppen en zei: ‘Kijk eens, deze heb ik speciaal voor jou gekocht om jou te slaan.’”
Henin vertelt ook over het “koosnaampje” van Omar voor de andere Franse gijzelaar die vandaag getuigt, Didier François. “Petit Didier”. Op het moment dat hij erover vertelt, wijst Henin naar Nemmouche. “Kijk, hij lacht, hij herinnert het zich.”
“Hij lachte met gehandicapten, met homoseksuelen, met pedofielen. Hij was geobsedeerd door pedofielen”, aldus nog Henin.
Volgens Henin is Abou Omar een narcist. “Hij was blij dat wij deel uitmaakten van zijn Syrisch avontuur, en dat we later ook over zijn avontuur kunnen vertellen. Zo’n proces zoals hier nu aan de gang is, is juist wat hij wil. Hij wilde een groot crimineel parcours afleggen, net zoals Mohammed Merah. Hij was erg bezig met zijn imago, en wilde een voorbeeld zijn voor jonge Europeanen.”
Maar toch viel vooral zijn lafheid op, aldus Henin. Ook het feit dat Nemmouche tijdens zijn proces niet wil spreken noemt hij laf. “Hij wil verwarring creëren, twijfel zaaien”, klinkt het. “Ik herken de Abou Omar die ik in Syrië heb gekend.”
In Brussel is een onderzoek gestart naar opmerkelijk gedrag binnen het eigen korps. Enkele politieagenten zouden hun avonddienst hebben doorgebracht op café, waarna één van hen zijn dienstwapen vergat. Dat schrijft La Dernière Heure.
Het incident vond afgelopen maandag plaats. Drie agenten trokken naar Le Terminus, een café in Evere, en consumeerden daar naar verluidt heel wat verschillende bieren. De mannen, gekleed in burgerkledij, deden dat terwijl ze van dienst waren. Volgens andere cafégangers zaten ze er minstens drie uur.
Dat de agenten een risico namen door tijdens hun dienst op café te gaan, staat buiten kijf. Toch waren ze zich niet bewust van de mogelijke, levensgevaarlijke gevolgen van dat avondje uit. Eén van de agenten beging namelijk een nog grotere blunder: hij vergat zijn dienstwapen in het café. Als zo’n wapen in de verkeerde handen terechtkomt, zijn de gevolgen niet te overzien. Gelukkig was dat niet het geval: een opmerkzame klant vond het pistool en verwittigde de politie.
De woordvoerder van politiezone Noord (Evere, Schaarbeek en Sint-Joost) heeft de feiten intussen bevestigd aan La Dernière Heure. “Er is een onderzoek gaande naar de omstandigheden van dit incident”, klinkt het. “Het wapen werd snel teruggevonden. We hebben maandagavond omstreeks halftwaalf een oproep ontvangen. Naarmate het onderzoek vordert, zullen alle nodige maatregelen genomen worden.”

