CBS StatLine
Huidige en potentiële bijdrage aan de energievoorziening
Op 1 januari 2003 stonden in Nederland 1467 windturbines opgesteld met een gezamenlijk nominaal vermogen van 679 MW. In 2004 leverden de turbines 1853 GWh, ofwel 1,63% van het Nederlandse elektriciteitsverbruik en 0,47% van het totale Nederlandse energieverbruik (uitgedrukt in vermeden primaire energie). Eind 2005 stonden er 1707 windturbines, samen nominaal 1219 MW, waarmee 1,8% van het totale elektriciteitsverbruik in Nederland werd opgewekt.
De verwachting is dat er windmolens met een totaal nominaal vermogen van ca. 1500 MW (effectief vermogen 250 MW) in Nederland op land te plaatsen zijn. Verdere groei zal offshore moeten plaatsvinden. Het potentieel voor windenergie op zee wordt geschat op 2 maal het Nederlandse elektriciteitsverbruik.
De lange termijntoename van het elektriciteitsgebruik, 3% per jaar, is een indicatie dat ook energiebesparing hard nodig is. Want 3% per jaar betekent dat iedere dag ongeveer 8 extra windturbines van 600 kW, of 2 extra windturbines van 2,4 MW nodig zijn om de groei bij te houden. Er is de laatste jaren dan ook veel stroom geïmporteerd uit het buitenland.
Wereldwijd wordt het theoretisch potentieel voor windenergie op land geschat op 6 maal het wereldelektriciteitsgebruik of 1 maal het wereldenergiegebruik (gebaseerd op windturbine techniek en elektriciteitsverbruik van 2001) (Hoogwijk 2004).
bron:
Windenergie - Wikipedia