Julie Van Espen (23) was onderweg van haar ouderlijke huis in 's-Gravenwezel naar het Antwerpse Zuid. In de buurt van het Sportpaleis verdween ze spoorloos. In diezelfde buurt hebben speurders maandag haar lichaam gevonden. Alweer daar. Alweer in die vermaledijde buurt waar de afgelopen tientallen jaren wel meer (vaak jongere) mensen verdwenen. Of in mysterieuze omstandigheden om het leven gekomen zijn.
Katrien De Cuyper (15) uit Brasschaat belt op 17 december 1991 vanuit het inmiddels verdwenen truckerscafé Les Routiers aan de IJzerlaan, vlak bij het Asiadok in Antwerpen, een laatste keer naar haar ouders om te zeggen dat ze haar bus gemist heeft. Daarna verdwijnt elk spoor. Pas op 19 juni 1992 komt het lichaam van De Cuyper weer boven tijdens graafwerken achter een loods van Katoen Natie in de Antwerpse haven. Het meisje is naakt en gewurgd. De politie onderzoekt verschillende pistes. Maar een dader vindt ze nooit.
Op 24 juni 1999 fietsen Steve Vissers (12) en zijn broertje Sven op een fietspad in de buurt van het Sportpaleis. De dronken en gedrogeerde schilder Danny Immens, die als uitvalsbasis café Slachthuis op de hoek van de Lange Lobroekstraat heeft, rijdt Steve opzettelijk aan met zijn brommer. Hij jaagt het broertje weg en dwingt Steve om achterop te komen zitten op zijn brommer. Ze rijden nog vijfhonderd meter. Dan verkracht en vermoordt hij de kleine jongen. Immens (29 jaar en vader van een 4-jarig zoontje) werd snel gearresteerd en een jaar later veroordeeld tot levenslange opsluiting.
Op 26 juli 1999 vindt een schipper het lijk van een jongetje in het Merksemse Lobroekdok, alweer de buurt rond het Sportpaleis. Het lichaam zit in een zwarte sporttas en mist een arm en een been. Ook de geslachtsdelen zijn afgesneden. Het slachtoffer heet Puia Marinescu, een Roemeens bedelaartje dat bloemen verkoopt in de Antwerpse kroegen en een paar dagen eerder als vermist is opgegeven. Een dader? Nooit gevonden.
In de zomer van 2006 zien voorbijgangers in de buurt van het Sportpaleis een vrouw in de berm liggen. Het is Ann Bourgoin (38), die eerder die ochtend met haar fiets in de Van Reyenstraat vertrokken is op weg naar haar werk. Een natuurlijk overlijden, tot de wetsdokter tijdens de autopsie drie dagen later een kogeltje terugvindt in het hart van Bourgoin. De vrouw werd van het fietspad geschoten. De meest bekende verdachte is de Mechelse seriemoordenaar Renaud Hardy. Maar ook in deze zaak wordt de eigenlijke moordenaar nooit gevonden.
In de vooravond van 4 januari 1994 verlaten Kim (11) en Ken Heyrman (8) hun woning in de Kerkstraat in Borgerhout om naar de voetbaltraining van een vriendje te gaan in het Fort van Merksem. Op de brug over het Albertkanaal vragen ze nog een laatste keer de weg. Daarna verdwijnt elk spoor. De kleine Kim wordt een maand later verkracht en vermoord teruggevonden in de kabels van een duwboot in het Asiadok. Van Ken is nog steeds geen spoor. De speurders ondervragen tientallen mensen en nemen evenveel DNA-stalen af. Daarna wordt het ook in deze zaak stil.
De voormalige Antwerpse speurder John Van Onsem (71) werkte in totaal twaalf jaar aan de zaak Kim en Ken. Geen enkele agent is langer betrokken geweest. Toen hij het nieuws hoorde over de vermiste Julie Van Espen uit Schilde en haar fietsroute zag, die kronkelde tussen ’s-Gravenwezel en Antwerpen, dacht hij meteen terug aan de moord en verdwijning die zijn leven jarenlang beheerst heeft. “Opnieuw dat Sportpaleis, opnieuw die Burgemeester Gabriel Theunisbrug (waar dit weekend de zoekactie naar Julie aan de gang was, red.). Dat kon niet waar zijn”, zucht Van Onsem. “Alles kwam meteen terug.”
Toch schrikt de speurder op rust er niet van dat de buurt rond het Sportpaleis andermaal de setting is van een verdwijningszaak. “Het is altijd een lugubere wijk geweest met weinig sociaal toezicht”, zegt Van Onsem. “En omdat ze zo verlaten is, is ze aantrekkelijk voor figuren met minder goeie bedoelingen. Je kunt langs verschillende kanten snel weg zonder dat iemand je in de gaten heeft.”
Om de dader van Kim en Ken te vinden, heeft Van Onsem jarenlang onderzoek gedaan in de buurt. Hij ging naar de vaak groezelige cafés en frequenteerde de huizen in de hoop een aanwijzing te vinden. “Veel medewerking of tips hebben we nooit gekregen”, herinnert Van Onsem zich. “Het is een buurt waar weleens mensen wonen die al een en ander op hun kerfstok hebben en daar in alle anonimiteit kunnen voortleven.”
Van Onsem hoopt dat de politie het DNA van de verdachte ‘man met rugzak’ zal linken aan dat van alle andere nog onopgeloste zaken die de buurt rond het Sportpaleis met zich meedraagt.