Magnesium is een mineraal dat aanwezig is in iedere cel van het lichaam. Het is onmisbaar voor de energieproductie, de werking van spieren en zenuwen en voor het behoud van de stevigheid van botten. Magnesium speelt een belangrijke rol bij de werking van enzymen in het lichaam en is betrokken bij de aanmaak van hormonen. Ongeveer de helft van de magnesiumvoorraad in het lichaam bevindt zich (in combinatie met calcium en fosfaat) in het bot.
Voeding is de bron van magnesium. Het is aanwezig in vele voedingsmiddelen, met name in noten, granen, groene groenten zoals postelein, spinazie en erwten. De hoeveelheid magnesium in bloed, cellen en bot wordt door het lichaam constant gehouden. De regulatie gebeurt door aanpassing van opname (via de darmen) en uitscheiding (met de urine, via de nieren).
De dokter kan een bepaling van magnesium aanvragen als de patiënt aanhoudend een verlaagd calcium of kalium heeft, voor patiënten met symptomen die passen bij een verlaagd magnesium, onderzoek naar malabsorptie, ondervoeding, diarree of alcoholmisbruik, bij gebruik van sommige geneesmiddelen die de uitscheiding van magnesium door de nieren bevorderen of ter controle van de nierfunctie.
Afhankelijk van de voeding kan een magnesiumtekort ontstaan. Dit is bijvoorbeeld het geval in veel voedselproducten in de Westerse maatschappij. Door het voortdurend gebruik van eenzijdige kunstmest kan de grond zo arm worden aan magnesium, dat er een tekort in onze voeding kan ontstaan. De symptomen van een tekort zijn algehele lusteloosheid of vermoeidheid. Bij een langdurig tekort aan magnesium treden klachten op als irritatie van de zenuwen in de spieren, hartritmestoornissen en maagkrampen. Een lage concentratie magnesium (hypomagnesiëmie) kan het gevolg zijn van:
onvoldoende inname van magnesium via de voeding, vooral bij ouderen, mensen met ondervoeding en bij alcoholmisbruik
onvoldoende opname van magnesium via de darmen bijvoorbeeld als gevolg van de ziekte van Crohn (ontstekingen in het slijmvlies van de darmen)
te hoge uitscheiding van magnesium via de nieren
te hoge of te lage hoeveelheden glucose (suiker) in het bloed (ongecontroleerde diabetes)
verminderde activiteit van de bijschildklier (hypoparathyreoïdie)
langdurig gebruik van plaspillen (diuretica)
langdurige diarree
na een chirurgische ingreep
bij ernstige brandwonden
bij zwangerschapsvergiftiging
Bij een teveel aan magnesium ontstaat lichte diarree. Een verhoogde concentratie magnesium is zelden aan de voeding te wijten. Meestal is een verhoogd magnesium het resultaat van problemen bij uitscheiding of van kunstmatige toediening. Een verhoogd magnesium kan worden gevonden bij:
nierfalen
overactieve bijschildklier (hyperparathyreoïdie)
slecht werkende schildklier
uitdroging
verzuring (te lage pH) van het bloed bij diabetes (diabetische acidose)
ziekte van Addison
gebruik van magnesium bevattende laxeermiddelen