armeense genocide: achtergrond:
Verloop van de gebeurtenissen
Achtergrond
Sinds 1454 maakte Armenië deel uit van het Ottomaanse Rijk. Dit rijk raakte in de loop van de achttiende en negentiende eeuw langzaam in verval. In de verschillende Russisch-Turkse oorlogen had het rijk steeds meer terrein verloren aan Rusland. Ook in het Middellandse-Zeegebied verloor het rijk gebieden en invloed. Sinds het Verdrag van Küçük Kaynarca van 1774 stonden de Armeens orthodoxe christenen in het Ottomaanse Rijk onder bescherming van Rusland.
Eind negentiende eeuw was het rijk sterk beïnvloed door Westerse ideeën over nationalisme en patriottisme. Deze ideeën ondermijnden de structuur van millets, de verschillende geloofsgemeenschappen, van het Ottomaanse rijk. [1] Op de Balkan vochten de verschillende christelijke groeperingen voor hun onafhankelijkheid en na de onafhankelijkheid van Bulgarije (1878) werd het duidelijk dat wellicht ook voor de Armeniërs onafhankelijkheid mogelijk was. De overwegend Armeens-orthodoxe Armeniërs kwamen in opstand tegen de islamitische Ottomanen, mede door ophitsing van de kant van Rusland. Bij pogroms, die plaats vonden met oogluikende toelating of misschien zelfs aanmoediging door sultan Abdul Hamid II, werden tussen 1893 en 1895 vele tienduizenden Armeniërs vermoord. Honderdduizenden Armeniërs vluchtten in de jaren daarop naar het buitenland, waardoor de Armeense diaspora verder toenam.
In 1908 vond in Turkije een machtsovername plaats door de Jonge Turken. Deze machtsovername werd aanvankelijk door de Armeniërs gesteund. Spoedig bleek echter dat in het nieuwe Turkije, dat de Jong-Turken voor ogen stond, voor de Armeniërs geen plaats was. De Jong-Turken droomden van een groot aaneengesloten Turks rijk, dat zich uitstrekte van de Balkan tot Centraal-Azië, waarin alle Turkssprekende volkeren verenigd zouden zijn. In deze beweging, panturkisme geheten, was geen plaats voor de Armeniërs en andere niet-Turkse volkeren.
Uitbreken Eerste Wereldoorlog
Tijdens de Eerste Wereldoorlog koos het Ottomaanse Rijk de kant van de Centrale Mogendheden (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en Bulgarije) waardoor het in oorlog raakte met de Entente (Rusland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk).
De Armeniërs wensten hun onafhankelijkheid te verwerven tijdens de Eerste Wereldoorlog. Armeense leiders sloten daartoe verdragen met de Britten en de Russen. Deze verdragen hielden in dat uit de oostelijke Ottomaanse provincies een onafhankelijk Armenië zou worden gevormd.Rondom de frontlinie in Oost-Anatolië woonden veel Armeniërs en een deel van Armenië viel al geruime tijd onder Russisch bestuur. Het Russische leger had in 1915 in totaal zeven Armeense vrijwilligersbrigades en vocht er de Kaukasuscampagne uit met de Ottomanen.
Daarnaast waren verschillende Armeense guerrillaorganisaties actief. Ook kwamen verschillende groepen Armeniërs in opstand tijdens de Armeense Revolutie, onder andere in de steden Van en Zeytun (Süleymanli). In het voorjaar van 1915 stond het Ottomaanse Rijk daarnaast onder bedreiging van de Geallieerden bij Dardanellen, de Russen in het oosten van Anatolië en de Britten die oprukten naar Bagdad.
De genocide
Op 24 april 1915 werden honderden tot enkele duizenden leden van de Armeense elite zonder enkele vorm van proces vermoord in Constantinopel (Istanbul). Deze dag wordt nog altijd herdacht door de Armeniërs als het begin van de volkerenmoord.
Hierna besloot het Ottomaans regime officieel alle Armeniërs te deporteren naar zuidelijke provincie Syrië, dat toen nog deel uitmaakte van het Ottomaanse Rijk. De deportatie had echter in wezen geen bestemming, maar was in eerste instantie gericht op de stad Aleppo in het huidige Syrië en van daar uit naar de Der el-Zor-woestijn. Er werden waarschijnlijk 25 grote concentratiekampen opgezet onder de leiding van de rechterhand van Talaat Pasja, Sükrü Kaya, waarvan de meeste lagen op de huidige Syrische en Iraakse grenzen en waarvan sommige alleen dienden als doorvoerkampen. Het grootste deel van de kampbewaarders bestond uit Armenen. [2]
Bepaalde categorieën Armeniërs werden vrijgesteld van deportatie: katholieken, protestanten, spoorwegarbeiders en leden van de krijgsmacht werden niet gedeporteerd. Ook uit Istanbul en Izmir werden geen Armeniërs gedeporteerd. [3]
Er was niet gezorgd voor eten of drinken voor de Armeniërs tijdens de tochten van de verschillende delen van het land naar Syrië. Volgens ooggetuigen en historische documenten bezweken Armenen op de marsen naar het hedendaagse Syrië aan dorst, honger of werden doodgeranseld of -geschoten. Voorts werden Armeense vrouwen en meisjes onderweg regelmatig verkracht.
Weliswaar waren er troepen die hen moesten begeleiden, maar in het rijk, dat immers in oorlog was, was een schrijnend gebrek aan mankracht. Het begeleiden van de Armeniërs werd daarom uitgevoerd door lokale troepen op minimale sterkte. Veel Armeniërs stierven omdat zij aangevallen werden door boze plaatselijke stamleden en dorpelingen. Hun begeleiders wilden of konden hen niet beschermden en de begeleiders, vaak zelf ook onbetaald, hongerig en ongeordend, vermoordden ook Armeniërs of lieten hen eenvoudigweg aan hun lot over.
Desondanks deed de centrale Ottomaanse regering enige moeite om excessen tegen te gaan. In totaal zijn voor de krijgsraad zo'n 1400 zittingen geweest voor misdrijven tegen de gedeporteerden. [4]
Andere Armeniërs, volgens de Britse historicus Martin Gilbert de meerderheid van de slachtoffers, werden in of nabij hun woonplaatsen vermoord.
De genocidische intentie van Talaat Pasha, de Turkse minister van binnenlandse zaken die de "deportaties" organiseerde, is onder andere duidelijk in het volgende citaat: door de voortzetting van de deportatie van de weeskinderen naar hun bestemming gedurende extreme koude, verzekeren wij hun eeuwige rust.[5]
Na afloop van de Eerste Wereldoorlog
In mei 1918 werd het onafhankelijke Armenië gesticht. Dit rijk vocht aan de zijde van de geallieerden. De noordoostelijke provincies van het Ottomaanse Rijk werden aan Armenië toegevoegd.
In 1920 vocht Armenië met Turkije de Turks-Armeense Oorlog uit. De Ottomanen zagen de samenwerking van de Armeniërs op Ottomaans grondgebied als verraad, te meer omdat ze eerst hadden verklaard neutraal te blijven in de oorlog. Met de overgave van de Ottomanen werden de grenzen van het nieuwe Armenië bekrachtigd in het Verdrag van Sèvres van 1920. Dit leidde tot de stichting van de Turkse republiek en de afschaffing van het sultanaat. Deze omwenteling werd in het Verdrag van Lausanne (1923) bevestigd.
Aantal slachtoffers
Het aantal slachtoffers is nooit officieel vastgesteld. De historici zijn hierover nog steeds verdeeld. Het belangrijkste verschil zit tussen Turkse geschiedkundigen enerzijds en Armeense en westerse geschiedkundigen anderzijds. De meeste Turkse historici houden het op 200.000 tot 500.000 slachtoffers (zie onder), Armeense en westerse historici spreken van 600.000 tot anderhalf miljoen slachtoffers.
De Amerikaanse historicus Bernard Lewis houdt het op 'vele honderdduizenden tot misschien wel een miljoen' slachtoffers.[6] Volgens de Britse historicus Martin Gilbert ligt het aantal slachtoffers rond de miljoen, waarvan 600.000 vermoord in bloedbaden in Anatolië en 400.000 door geweld en hongersterfte tijdens deportaties naar woestijnen in tegenwoordig Syrië en Irak. Nog 200.000 Armenen werden verplicht zich te bekeren tot de islam. [7] De Britse historicus Peter Mansfield schat het aantal slachtoffers op één-en-een-kwart miljoen tot anderhalf miljoen. [8] De Nederlandse wetenschapper Erik-Jan Zürcher houdt het op 600.000 tot 800.000 slachtoffers. [9] Ton Zwaan schat het aantal op 800.000 tot 1 miljoen [10] De Amerikaanse politicoloog Rudolph J. Rummel heeft berekend dat tussen 1900 en 1924 circa 1,8 miljoen Armeniërs zijn gedood.[11]
Aandacht voor de volkerenmoord
De wereld had maar weinig aandacht voor de genocide. Dit kwam hoogstwaarschijnlijk doordat er weinig berichtgeving uit het Ottomaanse Rijk naar buiten kwam en omdat de verschrikkingen van de loopgraven aan het westelijke front de overhand hadden in de kranten. Uitzonderingen op de geringe aandacht die toentertijd aan de genocide werd besteed waren de beschrijvingen van de Amerikaanse krant New York Times en de toenmalige Amerikaanse ambassadeur in Istanbul, Henry Morgenthau Sr. Talaat Pasha reageerde op de protesten van de Amerikaanse ambassadeur met de woorden: Je bent een Jood, deze mensen zijn christenen... Waarom kan je ons niet laten doen met deze christenen wat wij wensen?
Veel later zou Adolf Hitler verklaren: Het doel van de oorlog is niet de linies te herdefiniëren, maar de vijand fysiek te annihileren. Door deze methode zullen wij de vitale levensruimte verkrijgen die wij nodig hebben. Wie spreekt vandaag nog over het bloedbad onder de Armenen? [12]
Andere tragedies in het Ottomaanse Rijk tijdens de Eerste Wereldoorlog
Veel minder bekend dan de Armeense genocide is dat nog andere tragedies plaatsvonden. Zo werden vermoedelijk zo'n 275.000 Assyriërs vermoord in de zogenoemde Assyrische genocide. In wat nu Syrië is, stierven eenderde tot een half miljoen Arabieren aan de hongersnood. [13] Vermoedelijk stierven zo'n 30.000 Koerden. Daarnaast stierven tienduizenden Turken in door Rusland gecontroleerd gebied.
---------------------------
Uit deze tekst kan men concluderen dat deportatie en genocide gebeurde tijdens de 1 ste WO. Een leven had toen al weinig waarde, Armeniers vochten voor onafhankelijkheid en vochten aan de zijde van de Russen tegen de Turken. Je kan volgens mij dus stellen dat ze twee vliegen in één klap woudne slaan: het Panturkisme bevorderen en ondertussen hun "tegenstander" vermoorden; een verschrikkleijke daad die men op deze wijze tracht te vergoeilijken. In oorlog mag men zijn tegenstanders doden maar geen burgers!