De tweede vraag is misschien wel makkelijker te beantwoorden dan de eerste. Kortgezegd, als God bestaat dan is hij/zij zeker Katholiek. Het zal de scherpe meelezers niet verbazen, aangezien het nogal eens aan alle kanten uit mijn plempsels sijpelt dat er voor mij wel een zekere aantrekkingskracht en/of fascinatie uit gaat van het Katholieke Christendom en misschien ook, maar daar heb ik nog weinig onderzoek naar gedaan, naar het Oosters Orthodoxe Christendom.
Dit zal te maken met opvoeding, met een zekere hang naar traditie en geborgenheid, een waardering dat het Christelijk Geloof, toch het Vrije Westen gemaakt heeft wat het is, niet alleen ondanks, maar vooral ook dankzij. Ook hoe een gelovige traditie zowel de jaargetijden als de getijden des levens voorziet van een manier van vieren en herdenken vind ik een mooie insteek. Je zou dat een soort cultuur-christen kunnen noemen, maar dan is wel het probleem dat een boom losgesneden van zijn wortels uiteindelijk sterft.
In zekere zin zit er in tradities in het algemeen vaak een soort wijsheid, een goede preek kan voor mij heel inspirerend zijn, al was het maar als denkoefening. Denk hierbij niet alleen aan een formele geestelijke, maar ook aan iemand als Jordan Peterson, met zijn bijbelvertellingen. Heb ik alleen nog fragmenten van gezien, helaas.
Het korte antwoord op de eerste vraag is: Nee.
Het lange antwoord is iets dat ik het niet precies weet. Wanneer geloof je? Is dat als je het idee hebt dat er iets is, of je dat dan het label God zou willen geven of iets anders. Is dat als je alle leerstellingen, of alleen de voornaamste van een bepaalde religie onderschrijft. Als je twijfelt, geloof je dan niet, juist wel, of soms? Stel ik niet gewoon te hoge eisen aan mezelf voor ik tot een ja zou kunnen komen? Ben ik ergens bang voor de eisen die ik aan mezelf zou stellen als het antwoord ja zou zijn? Is het vooral het idee uit het waarin dat de aantrekkingskracht heeft? Of vind ik het moeilijk om te aanvaarden dat er gewoon niets is.
Het feit dat op zijn minst veel geloofservaringen, denk aan jou coma, wetenschappelijk zijn te verklaren, maakt niet dat ze minder echt of waar zijn. Verliefdheid is uiteindelijk ook te verklaren met stofjes in de hersenen, maar iemand die verliefd is, die gaat vooral daar in op ipv het te zitten wegredeneren.
Zoals ik al eerder aangaf is geloven ook een werkwoord, en daarmee wordt het een beetje een kip/ei verhaal. Stel je gaat niet naar een gebedshuis, je bidt niet, omdat je niet gelooft, maar als je dat wel consequent zou doen, dan zou je wellicht ook wat dichter bij dat geloof komen. Vergelijk het met openstaan voor een nieuwe partner, als je er niet voor openstaat, dan zal je hem of haar ook niet tegenkomen. Nu kan je een boom opzetten over dat dat een trucje is, maar wat zou dat. Het advies tegen stellen waar de sleur in de relatie zit en één van de twee of allebei geen zin meer hebben, is toch ook vooral dat je soms ook zonder zin moet beginnen en dat de zin dan later wel weer komt: je moet regelmatig sex hebben om zin te hebben in sex.