Dat is verpreid over de dag en tolerantie niet meegerekend, want dat is ook nog een factor. Neh, ik ga niet mee denk ik

Koffie is geen diureticum.
Heb nog even gezocht en idd, je moet 250mg in 1 keer drinken om een diuretisch effect te verkrijgen.
Koffie is idd geen diuretica, (cafeïne daarin tegen in lichte vorm indirect wel, het blokt een hormoon)
terugkomend of koffie slecht is voor je spieren:
5.3. CAFEÏNE EN SPIERKRAMP
5.3.1. Wat is cafeïne
Het meest voorkomende stimulerende middel is cafeïne. Cafeïne wordt gevonden in verschillende planten, voedingsmiddelen, zoals in koffie, thee, cola, cacao, chocolade en in verschillende medicijnen.
De stimulerende werking van cafeïne op het lichaam berust op dezelfde werking als het hormoon adrenaline. Een hoeveelheid van maximaal 600mg per dag is een geaccepteerde dosis.
In de onderstaande tabel is aangeven de hoeveelheid cafeïne in verschillende
producten:
· Koffie (250ml) 50-350mg
· Oploskoffie (250ml) 60-100mg
· Cafeïnevrije koffie (250ml) 1-4mg
· Thee (250ml) 10-90mg
· Cola (250ml) 35-40mg
· Cacao/ warme chocolademelk (250ml) 40-80mg
· Chocoladereep (200g) 20-60mg
5.3.2. De werking van cafeïne
Cafeïne heeft een wezenlijke bijdrage aan het vergroten van het prestatievermogen bij duurprestatie. Deze alkaloïde speelt waarschijnlijk een rol bij het mobiliseren van vrije verzuren. Deze vrije vetzuren kunnen als brandstof dienen voor het aërobe systeem. Cafeïne heeft in die zin een glycogeensparend effect dat het lichaam in staat stelt om meer vetten te gebruiken als brandstof, waardoor de glycogeenvoorraden minder
worden aangesproken. Dit met gevolg dat de spieren minder snel vermoeidheid zal vertonen.
Cafeïne heeft verder ook een remmende invloed op de werking van fosfodiesterase. Dit enzym zorgt voor de cAMP afbraak. Door de remming van dit enzym stijgt het gehalte cAMP. cAMP zorgt onder andere voor verschillende dingen. Ten eerste stimuleert het de omzetting van glycogeen naar glucose, waardoor het
bloedglucosegehalte stijgt. Ten tweede stimuleert het de activiteit van het Ca *+ kanaal. Zo is er sprake van een verhoogde Ca *+ vrijlating uit het sacroplasmatisch reticulum.
Het cAMP stimuleert ook de schildklier tot de productie van schildklierhormonen. Bij een verhoogde cAMP kan dit leiden tot een verhoogde werking van de schildklier. En tot slot stimuleert cAMP de epitheelcellen van de niertubuli. Hierdoor vind er een toename van de permeabiliteit van de membranen voor water plaatsvindt. Met als gevolg de kans op dehydratie.
Ook kunnen vetcellen bijvoorbeeld gestimuleerd worden door cAMP tot het afbreken van triglyceriden onder invloed van adrenaline noradrenaline adrenocorticotroop englucagon.
5.3.3. De effecten van cafeïne
Korte termijn effecten:
- Toename temperatuur en ademhaling;
- Toename bloeddruk;
- Toename van urine-excretie;
- Toename van alertheid;
- Grote doses kunnen hoofdpijn, nervositeit, snelle hartslag en krampen veroorzaken;
- Cafeïne zorgt voor energiepiek, waarna een groter gevoel van vermoeidheid kan optreden;
- Trillerige handen;
- Slapeloosheid.
Effecten op de stofwisseling:
- Het stimuleert het centrale zenuwstelsel;
- Het zorgt voor de vrijmaking van vrije vetzuren;
- Het beïnvloedt de nieren, door een toename van urine afscheiding, wat in sommige gevallen kan leiden tot dehydratie.
Lange termijn effecten:
Meer dan 8 tot 9 koppen cafeïnehoudende dranken kunnen leiden tot:
- Chronische slapeloosheid en maagzweren;
- Blijvende angstigheid en depressie;
- Onregelmatige hartslag en een hoge cholesterolgehalte.
5.4.3. Conclusie
Stress kan spierkramp veroorzaken. Afhankelijk van de secretie van epinefrine en corticoteroïds door stress vindt er een magnesium verlies plaats. Tegelijkertijd is er extra behoefte aan magnesium tijdens stress. In situaties die hoge stress veroorzaken brengt de sympathicus het lichaam in een alarmtoestand. Het hormoon adrenaline wordt op dit moment uit het bijniermerg afgegeven.
Na alle waarschijnlijkheid kan cafeïne het risico van spierkramp vergroten. Cafeïne heeft een duidelijke invloed op het enzym phosfhodiesterase. Waardoor uiteindelijk een verhoogde Ca *+ uit het sacroplasmatisch reticulum wordt vrijgelaten. Ca*+ speelt weer een grote rol in de spiercontractiemechanisme. Ca*+ zorgt er namelijk voor dat myosine kan reageren met actine. Als de Ca*+ concentratie onder invloed van cafeïne niet daalt blijft de spier contracteren. Dit kan uiteindelijk tot spierkramp leiden.
Een andere belangrijke werking van cafeïne die kan leiden tot spierkramp is de verhoogde permeabiliteit van de membranen van de niertubuli voor water. Dit kan namelijk leiden tot dehydratie