Goed verhaal van Abdelkader Benali (Marokkaans-Nederlands literair schrijver in NL):
Robert Vuijsje interviewt Nederlanders over de rol die afkomst speelt in hun leven. Deze week schrijver Abdelkader Benali (44). ‘In Tanger ben ik niet Abdelkader Benali, de schrijver uit Nederland. Ik ben die kale, van dat appartement, met die dochter.’
www.volkskrant.nl
"(...)Marokkanen die teruggaan.
‘Als andere Marokkanen dit deden, zouden ze nog meer van Nederland houden. Wanneer je er echt gaat wonen, dus niet alleen een paar weken op vakantie. Het zou een relativering zijn voor het racisme en de discriminatie die ze in Nederland zo bezighoudt.
(...)
‘In Marokko krijg je één kans. Deze studie, die winkel – dat is het, als je die kans niet pakt, is het klaar. Een plan B is er niet. In Nederland heb je plan A, maar ook plan B of anders wel plan C. Ik snap dat jonge Nederlandse Marokkanen zeggen: ik wil alleen plan A, plan B hoef ik niet. Maar het mooie aan Nederland is dat je via plan B, of zelfs C, weer kunt uitkomen bij plan A.’
(...)
‘Dit is wat veel Nederlandse Marokkanen niet begrijpen. Ze verwachten dat de rode loper wordt uitgerold omdat zij naar huis komen, ze vinden dat ze recht hebben op een uitzonderingspositie. In Marokko heb je een spreekwoord over een sinaasappel die je helemaal moet uitpersen. Zo zien zij toeristen. Of je daar bent voor de seks of omdat je oma er vandaan komt – het interesseert ze niet. Marokkanen zijn bezig met overleven. Niet met de gevoelens van een Europeaan die zijn roots wil opzoeken.
‘Op de boulevard van Tanger zie je maar één groep met veel lawaai hard optrekken in hun auto’s. De Belgische Marokkanen doen het niet, de Fransen ook niet. Alleen de Nederlandse kentekens. Ze praten hard, in het Nederlands, ze klagen en zeuren. Hun houding is koloniaal. De locals zien ze komen met hun dikke klokkies en denken: jij behandelt ons schofterig, dan pakken wij jou terug. Ze zien: voor jullie is dit een plek waar je komt pissen en schijten.
‘Nederlandse Marokkanen gaan koffiedrinken in het duurste café van de stad. Daarna zetten ze een foto van de rekening op Facebook: we zijn weer opgelicht. Ik vind dat zonde. Ze ontzeggen zichzelf de stad. Naar Tanger komen en alleen naar McDonald’s en het winkelcentrum gaan – dan doe je Volendam, niet Tanger.
‘Ik heb zo veel Nederlandse Marokkanen zien komen die wilden ondernemen. Hun idee was: kijk mij, hier ben ik, terug in het land van mijn ouders, ik wil zakendoen. Na een jaar waren ze financieel helemaal leeggetrokken. Ik denk dat een witte Nederlander nog meer kans maakt. Die heeft geen emoties, die wil gewoon geld verdienen.’"